“Ik ben biologisch dynamisch imker”, vertelt de 10-jarige Hugo Bakker uit Rotterdam bloedserieus. De meeste jongens en meisjes van zijn leeftijd weten nog niet eens hoe je de woorden spelt en wat ze betekenen, maar Hugo weet meer over bijen dan wie dan ook. “En ik ben ook nog eens de jongste van Nederland. Ik oogst alleen als de bijen te veel honing hebben, want dat doet een biologisch dynamisch imker.” In de Spoortuin bij de Essenburgsingel heeft het jochie een kast vol met bijen. Met zijn imkerpak aan staat hij tussen de bomen en losgewaaide bladeren naast de kast en vertelt hij enthousiast over zijn grootste hobby: “Het zijn ongeveer vijftigduizend bijen. Ik had er eerst meer, maar het is nu niet de goede tijd voor bijen. Het is te koud voor ze.”

De winter is geen bijenseizoen, maar in de zomer is de knul erg druk met zijn beestjes. Net na de zomervakantie heeft de jonge Rotterdammer – samen met zijn moeder Catherine – zijn imkerdiploma behaald. “Mijn tante in Corsica is imker en toen ik ‘t zag, vond ik dat heel gaaf. Zo leuk zelfs dat ik het ook wilde doen. Maar volgens mijn ouders was ik toen nog te jong, ik was zes. Ze beloofden me dat ik op mijn tiende imker mocht worden.” En zo geschiedde. Op de dag dat de blonde knul verjaarde, schreven zijn ouders hem in op de imkeropleiding. De kneepjes van het vak heeft Hugo van zijn leraar Wim van Grasstek geleerd. “Ik was de jongste, er waren alleen maar volwassenen. Samen met mijn moeder heb ik geleerd wat een imker precies doet”, legt het jochie uit. “Als biologisch dynamisch imker oogst ik alleen als de bijen te veel honing hebben.” Tot nu toe is de buit van Hugo niet groot; hij heeft slechts twee keer anderhalf potje honing kunnen oogsten. Maar ondanks dat is de jonge imker toch erg blij met de honing. “Het is niet alleen maar zoet, het heeft ook een smaakje. Soms smaakt het meer naar mint en soms is het wat zoeter. Het smaakverschil tussen het eerste en het tweede potje was enorm”, vertelt Hugo. “Maar ik doe er heel zuinig mee, want ik wil niet dat het op gaat.” Dat de hobby van Hugo best bijzonder is, beseffen ook zijn vriendjes en vriendinnetjes. Lucas Janssen (11) vindt het gaaf dat Hugo zoveel bijen heeft. “Eerst wist ik er niks over maar hij heeft me er alles over geleerd. Veel kinderen hier willen er ook alles over weten”, zegt Lucas. Hugo: “Soms moet ik vier keer uitleggen hoe het zit met mijn bijen, dat is wel eens stom. Ze vragen ook vaak hetzelfde, bijvoorbeeld hoe vaak ik al gestoken ben.” Daarover gesproken: Hugo is ’pas’ drie keer gestoken is. “Eén keer ben ik op de bovenkant van mijn hand gestoken; ik wilde mijn speciale handschoenen aantrekken en toen zat er in een bij in. Mijn hand zwelde helemaal op.”

Tijdens het schieten van die kiek glimlacht de jonge imker. Toch maakt Hugo zich zorgen om het welzijn van de bijtjes. “Ik denk dat u de flitser moet uitzetten, meneer, want de bijen zijn dat niet gewend.”

Of Hugo later beroepsimker wil worden? “Ik hou voor altijd bijen, maar beroepsimker worden lijkt me niks. Liever word ik binnenvaartschipper of iets anders in de buitenlucht. Ik geen kantoorbaan”, vertelt het jochie lachend.